<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
<title>Dreimaderlhaus met de muziek van Schubert</title>
<p>Deze week in Twentse Schouwburg</p>
<p>ENSCHEDE. — Toen in 1916 de Eerste Wereldoorlog nog veel slachtoffers maakte en de strijd aan het Russische front nog sterk woedde, zat op 15 januari 1916 het Raimundtheater te Wenen stampvol mensen die in wensdromen leefden en bij de bekoorlijke muziek van Schubert en een echt romantisch verhaaltje even de armoede en de honger in de Weense hoofdstad vergaten. Zij keken en luisterden toen naar</p>
<p>een voor onze tijd erge zonde tegen de goede smaak, naar de operette Das Deimaderlhaus”, die componist Heinrich Berté geheel gemaakt had op muziek van Franz Schubert. Heinrich Berté (1858-1924) had al meer pogingen aangewend een operette te schrijven, maar die waren niet zo erg goed ontvangen. Met Das Dreimadlerhaus had hij de slag gewonnen en daarmee werd hij ook rijk. In de eerste vijf jaren na de première werden er in de Duits sprekende landen niet minder dan 7788 voorstellingen van gegeven.</p>
<p>Berté maakte in deze operette onder meer gebruik van Schubert’s balletmuziek uit Rosamunde (in le acte omgewerkt tot een terzet), van het Standchen (een kwartet in de le acte), van een kwintet uit de Deutsche Tanze (duet in le acte), van „Ungeduld” (2e acte) en van de b-moll Symfonie en het „Halte stille” in de 3e acte, etc. In die tijd keek men echter niet zo nauw en de meer banale teksten op meesterwerken van een onsterfelijke uit de muziekwereld stoorden de operetteaanhangers in het geheel niet. Rokkenjager In dit werk maken we kennis met de verliefde Schubert, merkwaardig eigenlijk als we weten dat Berté het stuk laat spelen in 1826 in Wenen, terwijl Schubert twee jaar later zou overlijden en volgens tijdgenoten in 1826 al half ziek was. Schubert was meermalen verliefd in zijn leven, maar dan op jeugdiger leeftijd. Schubert is hier in gezelschap van zijn vrienden Schober, Schwind, Vogl en Kupelwieser, terwijl ook de drie aantrekkelijke dochters van hofglazenier Tschöll een belangrijke rol spelen. Speciaal wel het lieftallige meisje Hannerl Tschöll, dat verliefd is op Franz, maar door de opera zangeres Crisi gewaarschuwd wordt voor de rokcenjager Franz. Grisi bedoelde echter Franz Schober. Hoe het alles verloopt, tot teleurstelling van Schubert overigens kunt u 6, 8 en 9 januari zien in de Iwentse Schouwburg te Enschede, ils Studio ’65 van deze operette een voorstelling geeft onder de muzikale leiding van Rinus Luttikhuis en in de regie van Max van Weegberg. De rol van Schubert speelt Frans Piselier, die van Schober Jan Nijhof sn die van vader Tschöll Ep Bunskoek. De drie meisjes Hannerl, Haiierl en Hederl worden gezongen ioor resp. Ria Huizinga, Rita Santeman en Wilma Traanman. De jaloerse opera-zangeres vertolkt Ely ter Horst. Het instrumentale apparaat is het Twents Begeleidingsirkest en de decors werden genaakt door Gé Madem. De volksans wordt uitgevoerd door De ireltkel uit Enschede.</p>
<p>Tijdens de repetitie voor „Das Dreim&amp;derlhaus&quot; door Studio &apos;65. Geheel links vooraan regisseur Max van Weegberg.</p>
</text>