<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:noNamespaceSchemaLocation="articletext.xsd">
	<title>Kunst Arnhemsch klein koor en orkest.</title>
	<p>Zooals wij reeds met een enkel woord hebben meegedeeld, geeft morgenavond Arnhemsch klein koor en orkest onder leiding van P. A. van Westhreene in het kerkgebouw der Vrijz. Hervormden een uur van gewijde muziek. Uitgevoerd worden van Bach de niet omvangrijke, maar treffend Stemmende cantate „Sein, wir geh&apos;n hinauf gen Jer«isa!em&quot; en een fragment uit de „Johannispassion&quot;. Muziek, die in de Stille Week past en gehoord moet worden door hen, die zich voor de stemming van een wijdingsuur ontvankelijk gevoelen. Bcrliiier Operette. Beide Paasc&apos;ndagen komt het Be:liner Operette-gezelschap van Fritz Hirsch in den Schouwburg. Den eersten avond met een nieuwe operette: „Der Vetter aus Batavia&quot;, een werkje, dat om zijn onschuldig gegeven, zijn aardige muziek, ook om de goede opvoering en verzorgde aankleeding het in tal van plaatsen goed gedaan heeft. Den tweeden avond gaat het bekende „Walzertraum&quot;. Aurora. De Koninklijke Mannenzang-vereeniging „Aurora&quot; zal op Zondag 24 April a.s. een extra-concert geven in de Concertzaal van Musis Sacrunt. Zij heeft zich hiervoor de medewerking verzekerd van de ongeveer 130 leden tellende Nijrneègschê Oratorium Vereeniging en het daaraan verbonden meisjeskoor, beide onder leiding van Piet Versloot. Op het programma komen zoowel wat Aurora als de N. O. V. betreft, composities voor van Piet Versloot. Wat Aurora aangaat, het pas in dit voorjaar voltooide „Gloria&quot;; de N. O. V. zal van hem uitvoeren ,.Bede&quot; en „Herfst-avond, verder „Koren&quot; van Alphonê Vranken en „Den</p>
	<p>Uil&quot; van Alphons Diapenbrock. Het meisjeskoor komt Op het programma voor met een cyclus, bestaande uit .3 driestemmige liederen van Henri Zagwijn. Na afloop van het coneert zal gelegenheid tot dansen worden gegeven. Joodschc Muziek. Zondagavond hield mevr. J. Loonstein—Keizer uit Amsterdam voor de Joodsche Societeit in hotel „Riche&quot; een lezing over Joodsche Muziek. Na door den voorzitter, den heer M. v. d. Rhoer te zijn ingeleid, vestigde spr. er de aandacht van haar gehoor op, dat muziek, zoowel vocale als instrumentale, een machtig middel is tot veredeling en verbroedering der volkeren, niet gebonden als zij is aan ras, taal, geboorte, e, d. De Joden (Jubal wordt reeds in den tijd voor den zondvloed als de Vader van de Muziek gênoémd) hadden een groot aandeel in de voortbrenging van de muziek. De gedachte toch van het ééngodendom beschouwt muziek als het bfengeh van een verhoogde taal tot het Opper-, wezen. Vandaar dat ook muziek voornamelijk bij den dienst in den Tempe! werd gebruikt, waar deze meer speciaal voor begeleiding diende. Men bezat geen vast systeem, geen notenschrift, dóch wel een accentschrift. Merkwaardig dat ditzelfde schrift heden ten dage nog bij de Joden gebruikt wordt als uit de Tora wordt voorgelezen. Het eerste notenschrift is aan dit accentschrift ontleend. Na een korte opsomming van joodsche componisten uit vroegere eeuwen, komt spr. tot de Jiddische volksliedjes, welke hun ontstaan vonden in Oost-Europa. Het zijn de liefdevolle zangen uit het Volk geboren, gedragen in mineur, als komende uit een zacht-vrouwelijken geest, gevoelig van aard, weemoedig, zelfs ietwat sentimenteel. Ter illustratie wordt een OostJoodsch wiegeliedje met vee! succes aan de piano voorgedragen. Komende tot de nieuwere Joodschc kunst, kan wordért gezegd dat menig componist de typisch Joodsche volksziel in de muziek heeft teruggevonden. Kart het ook anders, waar de Joden, vreemd meestentijds aan hunne omgeving, aangewezen op eigen volk, hun saamhorigheidsgevoel hebben gelegd in hun eigen muziek. Een kunstenaar wordt bèïnvlóed door de omgeving waarin hij verkeert. Op&gt; de piano werd vervolgens specifiek Joodsche muziek, uitgegeven te Palestina, met</p>
	<p>ve*l succes gedemonstreerd. Het waren een Hebreeuwsche Rftapsodie en een Hochzeitmarsch van Engel. Hebben de Joden aanvankelijk door onderdrukking en vervolging weinig aandeel in kunstuitingen, bij de vrijwording &quot;wordt dit anders. Meesters als Mendelssohn, Goldmarck, Meijerbeer, Bizet, Halevy, Rubenstein, Offenbach hebben de wereld rijker gemaakt. Zooals de geest des tijds zijn invloed heeft doen gelden op bouwkunst, litteratuur en schilderkunst, zoo heeft ook het wezen der muziek verandering ondergaan. We kunnen er vrede mee hebben als deze verandering leidt tot vernieuwing en niet tot ontaarding. Onder de moderne componisten zijn veel Joden. We noemen slechts Mahler (al is hij geen Jood gebleven), Kowgold, Schönberg, Ravel. Heifetz en Godowsky hebben in Jeruzalem een speciaal Joodsch muziekcentrum gesticht. Spreekster eindigt haar interessante rede met een vurig aandringen om de kinderen goede muziek té brengen en te laten brengen. Evenmin b.v. als men een kind Vondel&apos;s&quot; reien Iaat reciteeren, brenge men de vroege jeugd er toe fragmenten uit opera&apos;s te laten spelen. Ook in de muziek benaderen we de kinderziel. Beter dan dans en bioscoop, hoe verdienstelijke instituten ook. zal de muziek tot veredeling van den jongen rnensch kunnen bijdragen. Spr. hoopt door het organiseeren van muziekmiddagen voor de kinderen der leden, eenigszins tot het doel te kunnen bijdragen. Onder hartelijken dank sloot de voorz. het officieele gedeelte van de drukbezochte bijeenkomst.</p>
</text>