<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
<title>Focus over de foto’s</title>
<p>Wij lezen in Focus, nummer 17: „Maar een feit is het, dat deze dagen een boek over vliegende schotels is gepubliceerd, waarin de foto’s van a tot z Amerikaanse humbug zijn. De zogenaamde vliegende schotel, die dan onscherp gefotografeerd is, bestaat uit niets anders dan een kantoor- of salonlamp. De bollen, die er onderaan zitten en die zogenaamd het landingsgestel vormen, zijn niet anders dan gewone gloeilampjes, maar onscherp gefotografeerd. Een zeer brutale truc is de avondfoto, waarbij een felle lamp in het midden van het beeld verschijnt, die natuurlijk bij een vermoedelijk niet geblauwd objectief een behoorlijke reflectie-kring vertoont. De schrijvers durven ’t aan om deze reflectiekring te beschrijven als „de vliegende schotel&quot;. Erger wordt het nog, wanneer zij op één der volgende platen schrijven, dat de „vliegende schotel over de bomen scheert&quot;. En dan moet u dat ongelukkige foto’tje zien! Men heeft de lamp dicht bij de lens gehouden, terwijl de camera scherp is gesteld op de bomen. Wanneer de vliegende schotel dus over de bomen zweefde mocht het ding toch wel scherper zijn dan nu. Het is handig gedaan, maar voor ingewijden in de fotografie ligt de humbug er ook wel erg dik op. Wij willen helemaal niet beweren, dat er geen vliegende schotels zijn, nog minder zeggen dat er geen foto&apos;s van gemaakt kunnen worden, maar deze foto’s zijn het in ieder geval niet&quot;, aldus „Focus&quot;, • • • Naar aanleiding van bovenstaande hebben wij aan de uitgever uiteraard enkele vragen gesteld. De Nederlandse uitgever merkte op, dat de lectuur van het boek de goede trouw van Adamski onomstotelijk aantoont en dat deze goede trouw het vervalsen van foto’s uitsluit. De Engelse uitgever zei de in een brief dat voordat tot uitgave werd overgegaan, een onafhankelijk persoon, die op de hoogte was van de fotografie, naar Amerika is geweest om een onderzoek in te stellen. Hij bezocht Adamski en heeft gelegenheid gehad diens negatieven en apparatuur nauwkeurig te bestuderen. Volgens zijn verklaringen waren de foto’s beslist niet van kleine objecten, een mening, die door een camaraman uit Hollywood, die doorkneed is in het maken van truc-opnamen, werd bevestigd. De foto’s moesten beslist kloppen met de beschrijvingen in het boek. De objecten zouden ongeveer honderd meter in doorsnee moeten zijn. Wanneer de heer Adamski dus een vervalser is, is hij in ieder geval in staat geweest een enorme machine te vervaardigen, die op te hangen en te fotograferen, aldus de deskundigen. Voorts schrijft de uitgever, dat in April 1953 en in Februari van dit jaar in Engeland voorwerpen werden waargenomen, gelijk aan de door Adamski beschreven en gefotografeerde objecten. De foto’s waren toen nog niet gepubliceerd. Foto’s door amateurs van de verschijnselen in Engeland gemaakt vertoonden een volkomen gelijkenis met die van Adamski. Er zijn dus mensen, die beweren dat de foto’s vervalsingen zijn, terwijl daar tegenover tenminste twaalf mensen zijn, die de authenticiteit van de foto’s met doorslaggevende argumenten kunnen aantonen. De gelijkenis met andere voorwerpen, b.v. een lampekap is heel goed mogelijk, want ieder koepelvormig voorwerp heeft gelijkenis met een ander koepelvormig voorwerp. Bovendien is Adamski niet de enige mens geweest die contact heeft gehad met bewoners van een andere planeet. Want op 15 Februari 1954 zou namelijk de Schot Cedric Allingham in Schotland een landing hebben meegemaakt van een vliegende schotel afkomstig van Mars en met een der inzittenden hebben gesproken. Ook hierover zal binnenkort een boek verschijnen&quot;, aldus de Britse uitgever.</p>
</text>