<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>Schouwburgzaal Dopper (Stadskanaal) DE KLOKKEN VAN CORNEVILLE Opvoering door Stadskanaalster Operettevereniging</title>
	<p>De Stadskanaalster Operettevereniging heelt gisteravond in de schouwburgzaal van hotel Dopper de eerste van haar jaarlijkse opvoeringen gegeven. Ditmaal is de keuze gevallen op „De klokken van Corneville&quot; van de Parijse componist Robert Planquette, die zich twee jaar na de première in 1877 erop kon beroemen, dat zijn werk reeds 1000 opvoeringen had beleefd. Nog altijd wordt deze operette gespeeld, vooral ook door amateurs, wat niet te verwonderen is, want zij heelt vele elementen, die haar aantrekkelijk maken. Er is gelegenheid voor de medewerking van een groot koor, de solistenrollen stellen geen onoverkomelijke eisen en de muziek is vlot en gemakkelijk in het gehoor liggend.</p>
	<p>Reeds dadelijk is de inzet van deze operette fleurig door de levendigheid van de bewoners van Corneville, die in afwachting zijn van de jaarmarkt, waar het dienstpersoneel zich verhuur* Al direct maken we dan ken-, nis met de kwaadsprekende SerpolettK een door de vrekkerige boer Gaspanjf als kind opgenomen vondeling, Germaine, die doorgaat voor de nicht van Gaspard, en Jean Grenicheux, aan wie zij uit dankbaarheid voor het redden van haar leven haar ja-woord gaf. Dan verschijnt tentonele de markies van Corneville, kleinzoon van de vroegere heer van het kasteel, die door Germaine gewaarschuwd wordt, dat het in zijn voorvaderlijk slot spookt. Dit is het begin van de intrige, die een mengeling is van liefde, hartstocht, bedrog, list en wat verder gewoonlijk de altijd romantische en meestal ook wel wat sentimentele inhoud van een operette vormt. Gelukkig gaat deze operette zich niet aan sentimentaliteit te buiten; zij heeft veel actie en bij een goede opvoering houdt zij de aandacht van de toeschouwers gemakkelijk geboeid. Waar de operette in de eerste plaats toneel is, is het van groot belang, dat naast de dirigenl de regisseur grote invloed heeft. De combinatie dirigentregisseur is slechts zelden gelukkig. De onlangs overleden en betreurde Albert Géraerds is op deze regel vele jaren een uitzondering geweest, al bepaalde hij zich de laatste jaren, o.a. in Stadskanaal tot de regie. Thans had de Groninger student E. Wilmink deze taak van hem overgenomen. Op het kleine en wel zeer primitieve toneel (wanneer krijgt Stadskanaal zijn schouwburg?) heeft hij uitstekend werk gedaan en zelfs beweging weten te brengen in het dicht opeen gepakte koor, waarvan de leden over het algemeen echt mee-acteerden. De hoofdrolspelers kwamen bijna allen tot veel beter acteren dan verleden jaar en er werd onder leiding van de heer Alie Verwer, die het geheel goed in de hand had, uitstekend gezongen. Een ere-pluim verdjent mevrouw D. Jarings —Roelfzema, die in nog geen veertien dagen de zware rol van Serpolette heeft overgenomen wegens ziekte van mevrouw Benes—Dethmer. Zij maakte er een der beste creaties van de avond van. Bijzonder goed was ook mej. R. Polter als de lieftallige Germaine zowel wat zang als spel betreft. De heer G. Bloemendaal speelde de markies van Corneville aannemelijk, maar als acteur kan hij nog wel iets meer presteren dunkt me. Dit Jaatste geldt ook voor de heer J. Meijering, die overigens de aria&apos;s van Grenicheux voortreffelijk zong. Goede types maakten de heren H. Ronde en R. Westerhuis van resp. Gaspard en de Baljuw. Ook de overige rollen waren bevredigend bezet. Aan de piano zat als altijd Jules Géraerts en leden van de G.O.V. vormden het orkest, dat zijn begeleidende taak uitstekend heeft vervuld. Enkele dansjes van mevrouw F. Postma— v. Klinken (ingestudeerd door mevrouw G. Reenders—Wieringa) brachten extra fleur in het slotbedrijf, al was gebrek aan ruimte wel een handicap. Het publiek toonde zich enthousiast en dit deed ook burgemeester S. R. Knottnerus in zijn hartelijk woord van dank. JAN ÜBINK.</p>
</text>
