<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>Flink wat operettes, oratoria, concerten VOORUITBLIK</title>
	<p>Een fiks aantal weekeinden operette in De Hoeksteen, een promenadeconcert in Krasnapolsky, diverse oratoria in het Concertgebouw, een nieuwe serie Paradisoconcerten en een vrouwencomponistenprogramma - om maar een greep te doen uit het aanbod van amateur-muziekuitvoeringen voor het komend seizoen in Amsterdam. Een volledig seizoensoverzicht is op dit moment nog niet mogelijk, maar de volgende gegevens geven een indruk van wat er met name komend najaar op amateurmuziekgebied zo al te beleven valt. Om met de operetteverenigingen te beginnen: als eerste in de rij die komend seizoen in De Hoeksteen te aanschouwen is zet Kunst en Vriendschap op 4 en 5 oktober Ein Walsertraum van Oscar Strauss op de planken. De regie is in handen van Paul van den Anker, Bert van Poelgeest heeft de muzikale leiding. De Nederlandse Operettevereniging volgt op 18 oktober met Die Lustige Wüwe van Frans Lehar. Dirigent Paul Boeken, regie Paul Steenbakker. Vervolgens is op 1 november het Amsterdams Operettegezelschap aan de beurt. Het voert dan onder leiding van dirigent Olof Groesz en regisseur Rüdi Vogler De Dragonders van Villars van André Maillart op. Les Cloches de Corneville van Robert Planquette wordt een week later (7, 8 en 9 november) door operettezangersgroep Orpheus ten tonele gevoerd. Regisseur Frans Gubbels, dirigent Joop Groesz. Thalia volgt op 14, 15 en 16 november met The Yeomen Of The Guard, een operette van Gilbert &amp; Sullivan. Regie en muzikale leiding zijn in handen van Joop Fransen. En als laatste dit jaar voert operettevereniging Jan Overhuijs op 21 en 22 november De Geisha van Sidney Jones op. Dirigent Harm Bras, regie Rutger Bijl. Voor zover de operettes. Rest mij nog te melden dat De Operettespelers in samenwerking met de operettevereniging Bijlmer, Amstelveen en Krommenie plus het Amsterdams Promenade-Orkest op 3 en 4 oktober een groot promenadeconcert in Krasnapolsky verzorgen. Op het programma staan fragmenten uit o.a. Les Cloches de Corneville (Planquette) en Die Csardasfürstin (Kalman). Muzikale leiding René Benschop. Het aanbod van de Amsterdamse koren voor het najaar is behalve groot deze keer ook behoorlijk gevarieerd. In oktober alleen al worden in het Concertgebouw het Requiem van Wiesehahn, het Gloria van Puccini, de Krónungsmesse en het Requiem van Mozart uitgevoerd, evenals de Derde Mis van Bruckner en Psalmus Hungaricus van Kodaly. Uitvoerenden respectievelijk het Amsterdams Gemengd Koor, de Koninklijke Christelijke Oratoriumvereniging Groot Noord, beide met dirigent Wiesehahn, en de KCOV Amsterdam onder leiding van Kamminga. In november voert het Amsterdams Bachkoor onder leiding van Jaap Spigt het Stabat Mater van Haydn en Cantate nr 21 van J.S. Bach uit. De Vondelpark- en Concertgebouwzangers brengen met Frank Hameleers het Requiem van Fauré (met de oorspronkelijke orkestbezetting) en het Exequiem van Heinrich Schütz. In het nieuwe Muziektheater brengt Stem des Volks deze maand al Die Jahresseiten van Josef Haydn. De KCOV Excelsior onder leiding van Meindert Boeckel brengt in het Concertgebouw de Mis in C van Beethoven en van Dvofak Psalm 149 en het Te Deum ten gehore.</p>
	<p>Begin december verzorgt het Amsterdams TJniversiteitskoor een programma van vrouwelijke componisten. Uit te voeren werken zijn o.a. Nexiti van Gerda Geertens en Het water zal de stenen breken van Caroline Ansink. Verder viert, die maand het Amsterdams Operakoor het heuglijk feit dat Bep Ogterop al vijfendertig jaar lang zijn dirigent is. In de Westerkerk voert het Hoofdstadkoor met Kees de Wijs Le Roi David van Honegger uit en het Kyrie en Gloria uit Petite Messe Solemnelle van Rossini. Het zou echter geen december zijn als niet tenminste één keer het Weinachtoratorium van Bach uitgevoerd zou worden. Deze keer neemt het Amsterdams Gemengd Koor het voor zijn rekening neemt (in het Concertgebouw). Ook het groots opgezette korenconcert in de Nieuwe Kerk, georganiseerd door de Bond van Amsterdamse Zangverenigingen, staat geheel in het teken van het kerstfeest. Aan dit evenement werken zon veertien tot achttien koren mee en het geheel wordt begeleid door de Amsterdamse Politiekapel. &quot;Paradisoconcerten vormen een serie programma&apos;s op het gebied van zowel lichte als klassieke twintigste-eeuwse muziek, toegespitst op muziektheater,&quot; aldus Johnny Kuiper, regisseur van het Handke/Weissgezelschap begin dit jaar in een interview in Uit &amp; Thuis. Samen met Ton Löwenthal, dirigent van het Amsterdams Theaterkoor en -orkest organiseert hij begin dit jaar de eerste serie. Ook dit seizoen zullen vanaf half november maandelijks dergelijke concerten plaatsvinden. Onderwerpen achtereenvolgens: De onbekende Kurt Weill (aflevering 2), toneelmuziek vóór de twintigste eeuw, nieuwe Nederlandse theatermuziek en Amerikaanse theatermuziek. Resten nog de amateursymfonie-orkesten. Onder leiding van Janos Konrad geeft het Alfons Diepenbrockorkest 14 november zijn jaarlijks concert in de Bachzaal. Op het programma staan de eerste en laatste (nr 104) symfonie van Josef Haydn. Op 29 november speelt het Amstelveense Symfonieorkest (dir. Gregorz Stasco) op zijn jaarlijkse concert in de dorpskerk in ieder geval de Zesde Symfonie van Schubert. Diezelfde avond geeft het VU-orkest (dir. Daan Admiraal) een concert in de Westerkerk. Op het programma staan de 73ste symfonie van Bruckner en L&apos;Ascension van Messiaen. En tot slot neemt het studentenorkest J.Pzn Sweelinck op 21 december in de Sonesta Koepelzaal afscheid van haar dirigent Ronald Kieft. Uitgevoerd worden de Derde Symfonie van Rachmaninoff, het Eerste Pianoconcert van Tyaikovsky en Fanfare van Ketting. INEKE RUHE</p>
	<p>SSSaWX:-*^::: M \ waa^imk-j « &apos;«■&apos;&quot;■■ Kunst en Vriendschap driftig aan het repeteren foto john melskens</p>
</text>
