<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>Vier operettes in promenadeconcert</title>
	<p>Zingen doe je voor je plezier; of je dat nu wel of niet in een prachtig kostuum op het toneel doet, maakt eigenlijk niet zoveel uit. Aldus De Operette Spelers (DOS), die in samenwerking met de operetteverenigingen Bijlmer, Amstelveen en Krommenie en het Amsterdams Promenade Orkest onder algehele leiding van Rene Benschop 3 en 4 oktober een promenadeconcert geven. Volgens Benschop (dirigent van alle vier de verenigingen) is een dergelijk concert een ideale manier om met minder tijd en minder hoge kosten toch tweemaal per jaar een goede voorstelling te kunnen geven. &quot;Eigenlijk heb ik die twee operette-opvoeringen per jaar altijd wat overdreven gevonden&quot;, vertelt hij. &quot;Het waren ook alleen de Amsterdamse verenigingen die dat deden - ofschoon die per *87 ook maar één keer per jaar gaan spelen - maar ik ben er nooit zon voorstander van geweest. Het gaat door tijdgebrek vaak ten koste van de kwaliteit, bovendien is het financieel soms nauwelijks haalbaar. Maar één keer spelen is toch net te weinig om het animo in een vereniging te behouden. Daarom dit experiment, dat overigens door de betreffende clubs zeer enthousiast ontvangen is. De koorgedeeltes van de meeste operettes zijn namelijk over het algemeen nooit zo lang zodat het koor, dat toch het grootste gedeelte van een vereniging vormt, vaak maar weinig te doen heeft. Terwijl ze nu volop Ban bod komen.</p>
	<p>s programma ben ik economisch te ; werk gegaan. In principe spelen , alle vier de verenigingen een operette waardoor het voor de hand , ligt alle vier die operettes bij elkaar te brengen en ze delen uit - eikaars operette in te laten stude; ren. Voor Amstelveen en Krom; menie was dat geen probleem. Zij [ voeren binnenkort resp. Die Czardas Fürstin (Kalman) en Les Cloches de Corneville (Planguette) op. De Bijlmer brengt echter altijd Engels werk, dat bij uitstek ongeschikt is voor een promenadeconcert. En DOS doet op dit moment geen operette omdat ze het concert organiseert en ze verder alles, op alles wil zetten om in &apos;87 een prachtige jubileumvoorstelling te kunnen geven. Maar daar heb ik wat op bedacht. Voor DOS ben ik teruggevallen op De Zigeunerbaron (Johan Strauss) die ze een tijdje geleden uitgevoerd heeft en voor de Bijlmer heb ik fragmenten van H Trovatore van Verdi uitgezocht. Zodat iedereen zogezegd zn eigen inbreng heef t. Ook het APO zal een aantal stukken spelen. Zij begeleiden momenteel het Scapinoballet met de Notenkrakers Suite van Tsjaikovsky. Begrijpelijkerwijze wordt daar een keuze uitgedaan en verder openen ze en besluiten ze de avond met een ouverture. En om er toch een levendig geheel van te maken praat ik zelf het programma aan elkaar.&quot; Wie dit een leuk idee lijkt maar toch ook graag een operette in zn geheel mag aanschouwen hoeft zich geen zorgen te maken. JOat! Vriendschap met Ein Waltzertraum van Oscar Straus het ope• retteseizoen in De Hoeksteen. I Oscar Straus (1870-1954) maakt ■ met Leo Fall (1873-1925), Frans ; Lehar (1870-1948) en Emmerich Kalman (1882-1953) deel uit van de zogeheten twee Weense operettescholen. Zij bouwen als het ware voort op de traditie die is ontstaan uit de artistieke erfenis van het driemanschap Suppe- Strauss-Millöcker. Net zoals zijn voorganger Johan Strauss, komt Straus&apos; genialiteit het meest tot uiting in de Weense wals. Kenmerkend voor zijn walsen is de wat dromerige muziek en vaak zijn ze overgoten met een vleugje van de mondaine Weense salonwereld. Waardoor ze duidelijk representatief zhn voor de Weense operette uit het begin van deze eeuw. Vanzelfsprekend is het dan ook dat Straus meest bekende operettes een op de wals betrekking hebbende titel dragen zoals Ein Waltzertraum (1907), Eine Ballnacht (1918), Letzter Waltzer (1920) en Dret Waltzer (1936). Overigens is hij geen familie van Johan Strauss. Als men hem in een interview vroeg in welke relatie hij tot Strauss stond, antwoordde hy steevast: &quot;Ik ben in de verste verte geen familie van Johan Strauss. We hebben geen enkel bloedverwantschap, maar ik voel me met hem verbonden door zijn voorbeeld.&quot; In Ein Waltzertraum, een operette die zich overigens muzikaal kenmerkt door zijn verfijnde inventieve instrumentatie, gaat het om tenant Nicki (Cor de Wit) gaat er &apos;in zijn huwelijksnacht vandoor omdat hij er achter gekomen is ; dat hij alleen maar gebruikt ( wordt om zijn schoonvader, vorst i Joachim (Jan van Tongeren) een troonopvolger te bezorgen. Hij raakt dan met zn vriend Montschi (Henk Vreen) in het slotpark verzeild waar een damesorkest olv Franzi Steingruber (Truus Blenderman) Weense walsen speelt. Waarschijnlijk om de sfeer en om haar charmes wordt hij verliefd op haar. Inmiddels zijn de vorst en dienst neef Lothar (Klaas Roubos), Nicki&apos;s vrouw Helene (Johanna Visser) en haar kamerdienares Friederike (Richarda Kerkhof) naar hem op zoek. Als zij hem vinden kan Nicki niet anders doen dan met zn vrouw dansen. Samen vertrekken ze en laten Franzi alleen achter. Toch blhkt het nog niet te boteren tussen de twee echtheden. Helene denkt te weten waar &apos; het aan ligt en vraagt Franzi om raad. Deze brengt haar de fijne kneepjes van de echte Weense charmes bij en als ze die onder knie heeft wordt Nicki alsnog verliefd op zijn eigen vrouw. De operette wordt geregisseerd door Bert Blanken en het geheel staat onder muzikale leiding van Bert van Poelgeest. Verdere medewerking wordt verleend door het Haarlems Operette Orkest. INEKE BUHE De Operettespelers (tel. 422724) verzorgen hun promenadeconcert 3 en 4 oktober op acht uur in Krasnanolsky. Kunst en Vriendschap (tel. 121489) sveelt 4 «ö S oktober- om nesjj. 20.00 ca</p>
</text>
