<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>OP DE PLANKEN</title>
	<p>ARRABAL De toneelgroep Vrij Spel is de vorige week gestart met de opvoering van een serie eenakters. Op zondagmiddag, 18 december 1983 gaat Vrij Spel hiermee door en voert dan in de theaterwerkplaats van de Amateurtheaterschool, Overtoom 25, drie eenakters op van Fernando Arrabal Gebed, Scherprechters en Picknick te velde. De regie heeft Gelijn Molier. Aanvang: 14.30 uur, zaal open om 14 uur. Om nog even bij de Amateurtheaterschool te blijven, op zaterdagmiddag, 17 december 1983, houdt dit vormingscentrum van 13.30--17 uur (zaal open 13.00 uur) in het gebouw Overtoom 25 open huis. In een aantal lokalen worden openbare lessen gegeven en de werkgroep Kabaret zal een presentatie geven onder de titel De narren van de rattenkoning. Toegang gratis. Wat ls en wat doet de Amateurtheaterschool? Dit vormingscentrum, dat al eenendertig jaar bestaat, ls een toevluchtsoord voor de oprechte amateurs, die de basistechnieken willen leren om beter te kunnen spelen. Er worden niet minder dan 28 cursussen gegeven. Het grootste deel daarvan vindt in de avonduren plaats. Alle cursussen zijn gericht op theater. Wie meer wil weten kan het prospectus voor 1984 aanvragen (tel. no. 135649). Op donderdag 15, vrijdag 16 en zaterdag 17 december 1983 geeft het Akademisch Genootschap onder regie van Bert Edelenbos ln het theater de Engelenbak, Nes 71, een serie opvoeringen van het toneelspel De kersentuin van Anten P. Tsjechov. Aanvang: 20.30 uur. Entree: ƒlO. CJP/CBP/pas 65+/ studenten / 7.50. Plaatskaarten vanaf 19 uur aan de kassa verkrijgbaar dan wel telefonisch te bestellen onder tel. no. 235723 tussen 12.00 en 17.30 uur. Ten slotte een blik in de achteruitkijkspiegel. Afgelopen week zag Ik in de Engelenbak een opvoering van het blijspel Een doos vol kruimels van Nell Simon. Ten tonele gebracht door de Toneelgroep Genesius onder regie van Gelijn Molier. Dit blijspel heeft een knappe dialoog en geeft een blik in een Amerikaans milieu. Hoewel het bikkelharde fragmenten heeft voeren die van warme menselijkheid de boventoon. Van dit spel heeft Genesius een mooie opvoering gegeven. Alles was uitermate goed verzorgd: een uitstekende tekstkennis, een goede rolbezetting en de juiste mise en scène. Het door de groep zelf ontworpen en gemaakte decor - mag zeker niet onvermeld bUJven. Jammer dat deze groep met deze mooie opvoering wat het bezoek betreft moest lijden onder de stakingen bij het vervoer! Een doos vol kruimels werd ten tonele gebracht door Wil Rutgers. Ellen Paulusma, Diny Bouman, Gerard van Bruggen, Jan Passies en Jan Bottelier. . OBERON VERNIEUWING Aan repertoirevernieuwing komen amateur-operetteverenigingen niet of nauwelijks toe. Incidenteel vinden nog wel eens premières plaats, maar dat betreft dan voornamelijk reeds jaren bestaande operettes, die uit de vorige of het begin van deze eeuw dateren. Een goed voorbeeld geeft de Bijlmer Operette Vereniging, die de laatste jaren regelmatig met een operette van Gilbert en Sullivan (o.a. Ruddigore, De piraten van Pemance, lolanthe en nog vers in het geheugen de fraaie uitvoering van De gondeliers) voor het voetlicht treedt. Ook Thalia met TViai by jury, H.M.S. Pianfore en-de Piraten van het befaamde Engelse duo, plus een aantal Offenbach composities en de Operette Zangers Groep Orpheus met enige opera&apos;s (Verkochte bruid, Zar und Zimmermann en Als ik koning was, onderscheiden zich in dat opzicht. Onbekende werken uitvoeren brengt een groot risico voor de verenigingen met zich mee. Het doorsnee operettepubliek - en in het bijzonder de donateurs - loopt warm voor de bekende operettes van Strauss, Kélman, Abraham, Millöcker of Lener. De minder bekende komen in het geheel niet aan bod. Melodieën uit de bekende composities hoort en/of ziet men regelmatig vla de radio of op de beeldbuis. Het publiek komt dus in feite af op die melodieën. Gaat een vereniging een andere, onbekende operette spelen dan vraagt men zich af welke muziek deze bevat. Vaak geldt „onbekend maakt onbemind&quot;. Dat uitzonderingen de regel bevestigen bewees de uitvoering van De grote onbekende, een operette van Franz von Suppé, destijds in Zaandam, waar ook met veel succes een modernere operette werd gebracht: De nacht met Casanova van Grothe.</p>
	<p>Dus vernieuwing is wel mogelijk? Zeker, want er zijn legio voorbeelden om dat te bewijzen. Zo speelt men in Wageningen vrijwel alleen musicals. En nu naar bed en De boyfriend stonden daar op het programma. Of in Tilburg de opera Treemonisha (gaat komend voorjaar in Oss) en de musical Bye, bye, Birdie. Of zoals volgende week in Urnuiden My fair lady. Toegegeven, de laatste werken zijn van recentere data, maar toch, het reservoir waaruit men kan putten is overweldigend! In 1910 reeds verscheen er van de hand van de Amerikaan John Towers een boek waarin de titels van ruim vijfentwintig duizend opera&apos;s en operettes zijn vermeld. Als men dan bedenkt dat veel van de nu bekende werken toen nog moesten worden gecomponeerd, dan ligt het huidige aantal veel en veel hoger. Natuurlijk noemt men vele werken ouderwets, onspeelbaar, of er is geen Nederlandse vertaling van. Toch is de conclusie: er is nog ruime keus mogelijk, die dan niet altijd vernieuwing, maar toch wel verandering betekent. En luidt het spreekwoord niet: „Verandering van spijs doet eten&quot;? P. J. OORD</p>
</text>
