<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>Operette „Der Vogelhändler" alleszins doorslaand succes Ongetwijfeld zullen er nog vele uitvoeringen volgen</title>
	<p>GRONINGEN De Groninger Opera- en Operettevereniging heeft j.l. Zaterdag en Zondag in de Schouwburg voor een zo goed als uitverkocht huis de operette ,Der Vogelhéindler" opgevoerd. Laat ik beginnen met te constateren, dat deze uitvoering, waarvan ik de première bijwoonde, alleszins zeer geslaagd mag heten. ,Der Vogelhéindler" is een dankbaar werk: Er komen tal van aardige melodieën in voor die in het gehoor liggen, terwijl er voor een acteur ook nog de nodige eer te behalen valt. Daarvan hebben de uitvoerenden een uitstekend gebruik gemaakt. De vereniging is zo gelukkig over een aantal krachten te beschikken, die kunnen zingen en die zich op de planken kunnen bewegen, zodat men de hoofdrollen naar behoren kan bezetten. In •de eerste plaats moet Greetje Landré worden genoemd die waarlijk voortreffelijk werk heeft geleverd in de rol van keurvorstin Marie. Zij heeft een beschaafd, helder geluid en van hetgeen zij zingt, gaat voor het publiek niets verloren. Daarbij beweegt ze zich met gratie en distinctie over het toneel; waarlijk, voor een amatrice een opmerkelijk goede prestatie. Naast haar voldeed Auk Drent-v. d. Tuuk ats de brievenbestelster Christel ook goed. Haar stem is niet zo -omvangrijk, maar ze zingt zuiver en speelt vlot en levendig met de nodige charme. Met belangstelling hoorde ik Bennie Conens zingen. Ik heb deze tenor reeds enkele keren eerder gehoord en mocht toen constateren, dat hij een bijzonder fraai lyrisch geluid heeft, terwijl het bel-canto hem niet vreemd is. Ook nu weer bleek, dat deze zanger vooruit gaat. Hij voldeed uitstekend in de rol van Adam, de vogelkoopman. Toch drong zijn stem soms niet voldoende in de zaal door. Het scheen, dat vooral in het laatst een zekere vermoeidheid zich liet gelden. In de heren Frans Postma en Jan Drent, die de dankbare rollen van Baron Weps en Graaf Stanislaws vertolkten, heeft de vereniging een paar uitstekende operettekrachten. Postma heeft een goede, verdragende tenor en de bariton van Drent is welluidend en klinkt uitstekend door de zaal. Daarbij was hun spel werkelijk uitnemend. Het , was een lust, dit duo telkens op het toneel te zien en te horen. Dick Roelfsema en Bé Meijer maakten van beide professoren een paar heerlijk idiote typen en hadden terecht veel succes» Van de kleinere rollen mogen Herman' Swarte als de burgemeester en Griethy Roelfsema-de Vries als gravin Adelaide nog met ere worden genoemd. Het grote koor heeft knap gezongen en gespeeld. De stemmen klonken fris en fleurig 'en goed zuiver. De stemverdeling was in orde en door levendige en vlotte actie heeft men het geheel een aardig aanzien gegeven. Enkele balletten, ingestudeerd door Friedel van Bruggen, kwamen goed voor de dag en gaven een prettig cachet aan het geheel. Beide solodanseressen, de dames Hoefs en Rus, verdienen een aparte aantekening. Het orkest was wel wat magertjes. De wat lange ouverture kwam daardoor niet geheel uit de verf, maar de verdere begeleiding was toch alleszins voldoende. Bijzonder aardige decors en prachtige costumes verlevendigden het geheel. Een woord van hulde aan Louis Drenth, die het geheel goed in de hand had. Hij kende het werk door en door en gaf veel steun aan de solisten en het koor. Een dreigend deraillement bij de opkomst van de Tirolers wist hij op knappe wijze op te vangen. Ook Jan, G. Vos verdient veel lof voor de regie. Het oog werd telkens bekoord door aardige groeperingen en een vlot beweeg van de verschillende groepen. Zo werd deze uitvoering een doorslaand succes voor de wakkere vereniging: ik voorspel deze operette nog vele uitvoeringen voor volle zalen. Men verdient dit ten volle. Aan het slot werden voor de damessolisten fraaie bloemen aangedragen, ook voor de regisseur. Louis Drenth, die zijn vijfde operette dirigeerde, werd door de voorzitter met een aardig speechje een prachtige krans overhandigd. B.</p>
</text>
