<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<text>
	<title>Amateuroperette: illusie van een wals</title>
	<p>De Groninger Opera- en Operettevereniging gaf op 15 november 1969 In de Stadsschouwburg de eerste van een serie voorstellingen van Der Zigeunerbaron, — op 8 en 10 Januari kunt U het weer gaan den, het is een goede voorstelling in een rijke montage —.</p>
	<p>Daaraan werkten mee de sopraan Germaine Stordiau, beroepszangeres bij Forum 0.a., en de Conservatoriumleerlinge Trineke Geertsema. Daarop stelde tk de GOOV In de Krant daarom de volgende vraag: ,Wat wil men nu •igenlijk met die jperette-voorstellingen: Is het een uiting</p>
	<p>van muzikaal bewo-</p>
	<p>gen middenstanders !(met alle gebreken</p>
	<p>van dien) of wil men werkelijk de operette-muzikaliteit gaan dienen?&quot;</p>
	<p>De GOOV was zo sportief deze handschoen op te nemen, er volgde een plezierig gesprek met enkele bestuursleden, de dirigent Rob Smit en de regisseur Herman Swarte We lijn er niet uitgekomen die avond Het dilemma bli.ift nadrukkelijk bestaan, het bestaat trouwens al zo lang als er amateuroperette bestaat.</p>
	<p>De operette is de kunst van de zoete schim, van de lieve illusie, van de glitter er, het klatergoud. Maar hel is niet alles goud wat er blinkt, het is niet alles botertje tot de boom, liev-6 kijkbuiskinderen. Het verhaal van de GOOV gaat mutatis mutandis op voor alle operetteverenigingen, bij uitbreiding zelfs voor alle clubs dia zich op amateurbasis bezighouden met theater en muziek. Daarom zij het hier in eigen woorden naverteld.</p>
	<p>Laten we eerst een misverstand rechtzetten Ik heb gemerkt, dat men in andere operettecentra (dat zijn in hoofdzaak Assen, Eelde-Paterswolde, Hoogezand, Stadskanaal, Veendam, Winschoten) we] eens denkt dat de GOOV een rijke vereniging is, die zich derhalve gemakkelijk een enkele beroepskracht kan permitteren teneinde de cast te vergulden. Dat 1? niet waar. Voor de voorstellingen in de Stadsschouwburg heeft men node reeds een maximumtoegangsprijs (eerste rang) van f 7,50. Van de recette blijft bij een uitverkochte zaal haast niets over en die zaal is niet altijd uitverkocht, al kan de GOOV zich erop beroemen de hoogste bezettingsgraad van het vorige Schouwburgseizoen te hebben gescoord. Bij vier goedbezette voorstellingen springt men er net uit en er is geen gelegenheid méér voorstellingen te geven. De tijden dat de operette Geisha dertien (!) uitverkochte voorstellingen haalde in de veel grotere Harmonie (ver vóór de oorlog) zijn kennelrjk voorbij. Is de belangstelling&apos; vooi de operette dan tanende? Misschien bij jongeren enigszins, hoewel de gemiddelde leeftijd van de verenigingsleden van de GOOV niel hogei dan veertig Jaar is. Bij bejaarden is er gretige interesse, de GOOV zou graag vooi hen en voor andere sociale doelen werken. Zo een voorstelling kosi f J.OOO,- en dal geld is ei nooit (het operagezeischap Forum &apos;ta door lubsidiea goedkoper!).</p>
	<p>Vergeleken mei de verenigingen ir de genoemde kleinere plaatsen verkeren de stedelijke operettisten meer in een concurrentiepositie ten opzichte van andere theater- en muziekbeoefenaars. Er is ook — en dat geldt voor allen — de toenemende kritische zin van het publiek, dat via de televisie verwend wordt met perfecte, voornamelijk Duitse operetteprodukties. Men heefl wel degelijk rekening te houden met de wensen van het publiek, men moet terdege commercieel denken en dat leidt dan o.a tot het aantrekken van beroepskrachten. Daarvoor bestaan trouwens ook artistiek argumenten: het algemeen niveau wordt er beter door, de amateurs worden omhoog getrokken (men laat hun trouwens ook wel zanglessen toedienen, daarbij terecht gebruik makend van de faciliteiten van bijvoorbeeld de Stedelijke Muziekschool) en voorts zijn sommige operettes gewoon te moeilijk om geheel met eigen krachten tot een aanvaardbaar einde te worden gebracht. Der Zigeunerbaron is er één van. Daarbij komt dat men niet vrij is in de keuze van het repertoire: op ongelooflijk veel werken — ook modernere, meer musicalachtige, die men in principe zeker niet afwijst — liggen opties van bij voorbeeld beroepsgezelschappen als Forum.</p>
	<p>Hoewel Forum magazijnen vol heeft met bruikbare decors, die — volgens de heren van de GOOV — vaak onnodig duur gebouwd zijn om de subsidiabele begroting op te voeren, zijn deze door de verhuurprijzen ervan vooi eer amateurvereniging ontoegankelijk.</p>
	<p>Nog twee kiachten worden gehoord. ook de keuze van de data van de voorstellingen Is niet vrij, de jaarplanning van de Stadsschouwburg beslist mee en men heeft daarvoor alle begrip, maar het kan wel eens een handicap zijn. Repetitieruimte ontbreekt praktisch in deze stad. Met iets van verbijstering constateert men dat in de toch al weinig spectaculaire plannen voor het nieuwe Cultuurcentrum iedere voorziening voor amateurs ontbreekt. Wethouder Van der Ree — dit even terzijde — ziet overigens ook in dat de naam „cultuurcentrum&quot; te weids is, er moet een andere naam komen. Ik geef een paar ideetjes door (niet van mijzelf afkomstig): Muzeval, maar dan niet in de zin zoals het theater in Emmen het bedoelt, maar meer als „valkuil voor de Muze&quot;, Armoenie is een andere kwaadaardige suggestie, De kleine Harmonie blijft wellicht de meest exacte aanduiding.</p>
	<p>Terug naar de problemen der operettebeoefening. Het is duidelijk, dat de grondslag van vele daarvan het gebrek aan geld is (de subsidies zijn gering) en het ontbreken van een flexibel overheidsbeleid. Die bejaardenvoorstellingen bij voorbeeld zouden zonder meer mogelijk gemaakt moeten worden! Harts P. Keuning, direkteur van de Asser Muziekschool, heeft in zijn laatste jaarverslag geschreven dat het Rijk met tenminste 12 miljoen gulden bijspringt in het passieve beleven van muziek via de beroepsorkesten, maar met nog minder dar. één miljoen in de actieve muziekbeoefening van meer dan honderdduizend muziekschoolleerlingen. tke Koning refereerde daaraan (NvüN van 29 november 1969) naar f-.anleiding van vergelijkbare moeilijk&apos; heaer. bij Christelijke koorverenigin£.er. die dan in deze kolom de operetteverenigingen ontmoeten: een zeldzame, doch heuglijke gebeurtenis, lijk* rnij. Men ziet: de schone theaterillusie, de Walzertraum, heeft zo zijn nachtmerrie-achtige kanten.</p>
	<p>H. F. W. Kruizei</p>
</text>
